
Soms verandert een samenleving niet doordat mensen anders worden, maar doordat negatieve krachten zich sneller verspreiden dan positieve.
Er zijn van die ontwikkelingen die je pas opmerkt als je een stap terug doet. Mensen lijken steeds vaker te klagen. Complottheorieën vinden moeiteloos hun publiek. Op sociale media versterken groepen elkaar in hun verontwaardiging. En wie het nieuws volgt, krijgt gemakkelijk de indruk dat de wereld vooral uit oorlogen, crises, fraude en conflicten bestaat.
Het is verleidelijk om al deze verschijnselen afzonderlijk te verklaren. Sociale media zouden de oorzaak zijn. Of de politiek. Of de journalistiek. Maar misschien hebben ze allemaal dezelfde diepere oorzaak: negativiteit heeft van nature een grotere impact dan positiviteit.
Dat klinkt misschien vreemd. We zien immers ook genoeg positieve initiatieven. Mensen zetten zich in als vrijwilliger, helpen elkaar, organiseren buurtactiviteiten, starten goede doelen en delen kennis. Ook via internet ontstaan prachtige gemeenschappen waarin mensen elkaar vooruithelpen. Positieve groepsvorming bestaat dus zeker. Alleen werkt positiviteit anders dan negativiteit.
Wie iets waardevols wil opbouwen, heeft tijd nodig. Vertrouwen groeit langzaam. Een goede reputatie ontstaat na jaren van zorgvuldig handelen. Een bedrijf opbouwen kost duizenden goede beslissingen. Een huis bouwen duurt maanden. Opbouw vraagt geduld, samenwerking en doorzettingsvermogen.
Afbreken gaat vrijwel altijd sneller: Eén leugen kan een reputatie vernietigen. Eén rel kan jarenlange samenwerking beëindigen. Een gebouw dat maanden kostte om te bouwen, kan in enkele uren worden verwoest. Dat is geen maatschappelijk verschijnsel, maar bijna een natuurwet: vernietigen kost minder energie dan creëren. En juist daarom is de balans tussen positief en negatief geen eerlijke balans. Stel dat evenveel mensen zich inzetten voor verbinding als voor verdeeldheid. Dan zou je verwachten dat beide elkaar in evenwicht houden. Maar zo werkt het niet. Omdat negatieve krachten sneller schade aanrichten dan positieve krachten die schade kunnen herstellen, ontstaat vanzelf een netto verlies. Dat mechanisme zien we tegenwoordig overal terug.
Vroeger werd negativiteit nog enigszins afgeremd door de gemeenschap waarin mensen leefden. In een dorp of buurt kende men elkaar. Wie voortdurend overal tegenaan schopte, werd meestal ook tegengesproken. Sociale controle voorkwam dat onvrede zich onbeperkt kon ontwikkelen.
Het internet heeft die rem grotendeels weggenomen. Tegenwoordig vindt vrijwel iedere overtuiging wel een gemeenschap die haar bevestigt. Dat geldt voor onschuldige interesses, maar ook voor wantrouwen en complottheorieën. Ideeën die vroeger langzaam zouden uitdoven omdat vrijwel niemand ze serieus nam, kunnen nu juist groeien doordat gelijkgestemden elkaar voortdurend bevestigen. Negativiteit organiseert zich eenvoudiger dan ooit.
Ook de media versterken dat proces, zonder dat dit noodzakelijk hun bedoeling is. Slecht nieuws trekt nu eenmaal meer aandacht dan goed nieuws. Een rustige dag haalt het journaal niet. Een conflict wel. Daardoor krijgen we dagelijks een geconcentreerde verzameling uitzonderingen voorgeschoteld. Niet omdat er geen goed nieuws bestaat, maar omdat slecht nieuws nieuwswaardiger is.
Het gevolg is dat verschillende mechanismen elkaar versterken. De media laten vooral zien wat misgaat. Sociale media brengen mensen met dezelfde frustraties bijeen. Algoritmen belonen verontwaardiging met aandacht. En iedere nieuwe bevestiging maakt de overtuiging sterker dat de wereld werkelijk zo somber is als zij lijkt.
Misschien verklaart dat waarom zoveel mensen het gevoel hebben dat alles achteruitgaat, terwijl veel maatschappelijke ontwikkelingen objectief juist vooruitgang laten zien. Niet omdat mensen dommer zijn geworden, maar omdat ons informatielandschap de natuurlijke voorsprong van negativiteit enorm heeft vergroot.
Daarom is de vraag niet hoe we negativiteit kunnen uitbannen. Dat zal nooit lukken en dat hoeft ook niet. Kritiek is noodzakelijk; zonder kritiek is er geen vooruitgang. De echte uitdaging is anders. We moeten beseffen dat positiviteit en negativiteit geen gelijke krachten zijn. Wie een gezonde samenleving wil behouden, kan zich daarom niet beperken tot het bestrijden van het negatieve. Hij zal veel meer moeten investeren in het positieve dan intuïtief redelijk lijkt. Alleen dan blijft de balans behouden.
